日本語

Nederlands

動詞 - Werkwoorden

adobaisu, susumeru, shiraseru

adviseren

yurusu

toestaan

tsukeru, atehamaru, atehameru

toepassen

tazuneru, tanomu

vragen

mottekuru, motarasu

brengen

kau

kopen

yobu

bellen

dekiru

kunnen

kuru

komen

kazoeru

tellen

naku

wenen

nomu

drinken

untensuru

rijden

taberu

eten

kanjiru

voelen

momeru, tatakau

vechten

wasureru

vergeten

ukeru, eru

krijgen

kureru, ataeru

geven

iku

gaan

sassuru

raden

kiku

horen

ki-susuru

kussen

shiru, shitte iru.

weten

manabu, narau

leren

deru, dekakeru

vertrekken

sumu, aru, ikiru

leven

miru

kijken

aisuru

liefhebben

tsukuru

maken

ma-kusuru

aanduiden

nakereba naranai, beki

moet

yousuru

nodig hebben

harau

betalen

yaru, asobu

spelen

arawasu

publiceren

yomu

lezen

kangaeru

onthouden

iu

zeggen

sagasu

zoeken

miru

zien

uru

verkopen

okuru

versturen

nakereba naranai, beki

moeten

utau

zingen

warau, hohoeru

glimlachen

hanasu

spreken

todomaru, todomeru

blijven

manabu, narau

studeren

motsu, morau, toru

nemen

kangaeru

denken

wakaru

begrijpen

aruku

wandelen

motomeru, hossuru

willen

kaku

schrijven

  1. Doushi

    Werkwoorden

  2. Karera wa nanto iimashitaka?

    Wat hebben ze gezegd?

  3. Karera wa watashi ni neru mae ni sanpo iku youni adobaisu shimasu.

    Ze adviseren me om een wandeling te maken voor ik ga slapen.

  4. Kyou no kanji wa doudesuka?

    Hoe voel je je vandaag?

  5. Kinou yori kibun ga yoku nari, ikutsu ka no undou wo shimashita.

    Ik voel me beter dan gisteren, ik heb wat oefeningen gedaan.

  6. Karera wa eigo toka hokano gengo wo hanashimasuka?

    Spreken zij Engels of een andere taal?

  7. Ryoushin wa hokano gengou wo hanashimasenga, eigo ga sukoshi wakarimasu.

    Mijn ouders spreken geen andere taal, maar ze verstaan wel een beetje Engels.

  8. Bijutsu no sukiru wo misete mimashou.

    Sta me toe om mijn vaardigheden in kunst aan jou te tonen.

  9. Kyou okureta koto ni tsuite genkyuu suru no wo wasuremashita, sumimasen.

    Ik vergat te zeggen dat ik te laat was vandaaag, het spijt me.

  10. Maishuukan eiga wo mi ni ikimasu.

    Ik ga elk weekend films kijken.

  11. Unten no shikata wo manabitaidesu.

    Ik zou graag leren autorijden.

  12. Jibun no bijinesu wo uritai to omoutte, ie no kaikata ni tsuite adobaisu ga hitsuyoudesu.

    Ik wil mijn bedrijf verkopen en dan heb ik advies nodig over hoe ik een huis kan kopen.

  13. Shukudai wo me-ru de okurimasu.

    Ik stuur mijn huiswerk per e-mail.

  14. Musume wa eigo wo benkyoushimasu.

    Mijn dochter studeert Engels.

  15. Tsuujou basu ni notte gakkou e ikimasu.

    Ik neem meestal de bus om naar school te gaan.


広告